Protocol van de manifestatie

Oda, een geluidsrelikwie ( 680 A.D. – 2007)
Een werk van Cilia Erens

Datum: 30 september , 12u30 -19u30
Plaats: Kerkhof St. Oedenrode

I
De bezoekers verzamelen zich in een als ontvangstruimte ingerichte tent, voor het kerkhof. (per half uur dertig bezoekers)

II
Elke tien minuten nodigt een ceremoniemeester tien bezoekers uit met hem mee te gaan naar de ingang van het kerkhof waar tien stoelen staan opgesteld in paren van twee. De mensen vormen als vanzelf koppels van twee en gaan zitten.

III
De ceremoniemeester vertelt de regels van de wandeling. De wandeling bestaat uit twee delen:
1. Een blind deel:
men loopt geblinddoekt met een geluidsdoek op.
2. Een ziend deel, in de rol van helper:
men begeleidt de persoon die geblinddoekt is op zijn wandeling. Halverwege worden de rollen omgedraaid. Degene die geblinddoekt begeleid werd kan weer zien en begeleidt zijn eerdere begeleider. Een korte instructie wordt gegeven hoe je een geblinde persoon het makkelijkst kan begeleiden. Daarna doen twee assistenten bij vijf mensen een geluidsdoek op.

IV
De ceremoniemeester nodigt de mensen uit de wandeling te beginnen. Hij loopt voor en geeft het tempo aan. Het tempo is langzaam, om de mensen die geblinddoekt zijn, de gelegenheid te geven de geluidswerelden waarin ze lopen zo goed mogelijk te ervaren. De mensen die begeleiden, hebben door dit tempo de gelegenheid om naast het begeleiden ook nog een blik over het kerkhof te laten glijden. Er is een getimede tussenstop, gekoppeld aan een vast moment in de geluidscompositie, waarbij degenen die geblinddoekt zijn kunnen zitten. Er blijkt een duidelijk verschil in ervaring van het geluid te zijn tussen als men loopt en als men zit.

V
De groep komt aan bij de achterzijde van de Oda kapel waar 10 stoelen in koppels van twee zijn opgesteld. Alle bezoekers kunnen zitten. Twee assistenten nemen de geluidsdoeken af; de zintuigen zijn weer gekoppeld. De rollen worden omgedraaid. De voorheen begeleiders krijgen nu een geluidsdoek op.

VI
De ceremoniemeester nodigt de bezoekers uit om de wandeling weer te beginnen, nu in omgekeerde richting. De tussenstop is precies het spiegelbeeld van de plek waar de wandeling heen haar tussenstop had. In deze wandeling terug speelt ook de herinnering een rol. Degene die eerder geblinddoekt was, ziet nu waar hij in werkelijkheid gelopen heeft en degene die met de geluidsdoek loopt, herinnert zich wellicht waar de stop was, en kan de ervaringen van de drassige grond onder zijn voeten, de wind door zijn haar, nu makkelijker plaatsen.

VII
De groep belandt bij een grote beuk, waar tien stoelen staan opgesteld in koppels van twee, de geluidsdoeken gaan af. De wandeling is ten einde. St. Oda, een geluidsrelikwie is derhalve een individuele en groeps- of sociale ervaring. Individueel omdat men geblinddoekt door verschillende geluidsruimten wandelt. Het meer dan tien minuten lopen door imaginair geluid, dwingt de bezoeker zich te concentreren op zijn eigen ervaring. Aan het eind van de wandeling belandt hij met het geluid in St. Oedenrode en weet hij niet of de geluiden uit de doek komen of van buiten. Een groeps- of sociaal evenement, omdat de ene bezoeker zorg moet dragen voor de ander, en men in een gelijkwaardige positie zit omdat halverwege de rollen omgedraaid worden. Ook zijn er drie groepen tegelijk op het kerkhof aan het wandelen ( er zijn drie ceremoniemeesters), zij passeren en spiegelen elkaar, waardoor de bezoeker zich bewust wordt van het beeld van een gemeenschappelijke pelgrimsreis waar hij deel van uit maakt.